Interview: ‘Ik ga door tot mijn handen niet meer willen.’
Bijgewerkt op
‘Mijn vader werkte in de woninginrichting branche en ik kwam al vroeg met stoffen in aanraking. Ik volgde de opleidingen Interieur Architectuur en Vastgoedstyling, maar voor mijn brood werkte ik als Demand planner. Een drukke baan met veel verantwoordelijkheden. Tot tien jaar geleden.'
Manon Ruijgrok van WoonideeEnzo in Weesp, is stoffeerster in hart en nieren. Maar het duurde even voordat ze dit zelf besefte.
‘Mijn vader werkte in de woninginrichting branche en ik kwam al vroeg met stoffen in aanraking. Ik volgde de opleidingen Interieur Architectuur en Vastgoedstyling, maar voor mijn brood werkte ik als Demand planner. Een drukke baan met veel verantwoordelijkheden. Tot tien jaar geleden.'
Herseninfarct gaf trap onder kont
Manon vertelt: ‘Ik kreeg een dubbele herseninfarct en kwam in het ziekenhuis terecht. Mijn lijf was in orde, maar mijn hoofd trok het plannen niet meer. Ik besefte dat ik toe was aan een geheel andere richting. Ik zag het als de omslag die ik nodig had; een trap onder mijn kont. Ik wilde creatief bezig zijn en met mijn handen werken.’
Werkspot bood uitkomst
‘Stofferen en interieurstyling deed ik als hobby. Ik stond ingeschreven bij de Kamer van Koophandel en BNS Crisp, de beroepsvereniging voor de Nederlandse stylist. Zo kwam ik aan stoffeeropdrachten. Zeven jaar geleden schreef ik mij in bij Werkspot. Dat bleek een uitkomst. Ik reageer alleen op klussen die me aanspreken en blijf de baas over mijn agenda. Ik heb moeten leren om af en toe nee te verkopen. Inmiddels komen mijn opdrachten uit het hele land. Sinds zes jaar heb ik een eigen atelier in Weesp, die staat bomvol meubels.’
Wat trekt je aan in stofferen?
‘Meubelstukken nieuw leven inblazen en hergebruik triggert mij. Het is ook beter voor het milieu. Heb ik zelf iets nodig, dan is mijn eerste gedachte; ‘Kan ik het bij de kringloop halen?’ Het is immers al gemaakt, er is energie ingestopt. Dat leeft bij steeds meer mensen. Sinds vorig jaar zomer blijven de stoffeerklussen komen. Dat was het jaar daarvoor nog anders’, aldus Manon.
Manon: "Op deze make-over van een aanvankelijk klassieke fauteuil, ben ik erg trots."
Een soepkom vol nietjes
‘Stofferen is vakmanschap. Het demonteren bijvoorbeeld. Een onderdeel van het werk waar weinig klanten rekening mee houden. Per stoel kan het 4 tot 5 uur duren voordat deze gestript is. Ik verwijder makkelijk een soepkom vol aan nietjes. Is de basis niet goed? Dan moet foam of andere vulling worden aangebracht. Het afwerken is een precieze klus. Het resultaat moet strak zijn. Vanwege mijn achtergrond in styling bied ik het gehele plaatje. Heb je nog geen idee welke stof bij je past, dan vraag ik naar de smaak en omgeving; kinderen, huisdieren. Zo kan ik het beste adviseren. Ik heb een vaste stofleverancier en kan ervoor zorgen dat stofstalen de volgende dag al bij de klant worden geleverd. Een extra stukje service.’
Heb je nog tips voor mede-zzp’ers?
‘Bevestig alle afspraken met de klant en zet het zwart op wit. Blijkt een stof €8,- duurder dan overeengekomen in de offerte, communiceer dit dan meteen. Zo komt men niet voor verrassingen te staan.’
Wat is voor het mooiste aan ondernemen?
‘Voor mij is dat de vrijheid. Mijn eigen planning maken en zelf de opdrachten kiezen. En daarop volgt vaak mond-tot-mond reclame. Ik ben voorlopig nog niet uitgewerkt, ik ga door tot mijn handen niet meer willen.’